Heb ik Anorexia?

Als je anorexia hebt, zul je jezelf in veel van de onderstaande punten herkennen. Als je aan veel van de genoemde criteria voldoet, en zeker wanneer je de eerder genoemde lichamelijke verschijnselen herkent, is het belangrijk dat je hulp zoekt. Maar ook als je nog geen duidelijke lichamelijke klachten hebt, is het verstandig in te grijpen. Hoe eerder je hulp zoekt, hoe groter de kans op genezing.

Als anorexia-patiënt zit je echter in een paradoxale situatie. Je bent immers zo bang om te eten, dat je juist helemaal geen hulp wilt zoeken. Het benoemen en aanpakken van je probleem betekent immers dat je je gedrag moet veranderen - en dat roept nu juist enorme angst op.

Je denkt voortdurend aan eten en caloriën
Je plant je voedselinname heel zorgvuldig en raakt in paniek wanneer je je daar niet aan kunt houden
Je weegt jezelf veelvuldig, vaak wel een paar keer per dag
Je raakt in paniek wanneer je bent aangekomen, al is het maar een pond
Je voelt je sterk wanneer je niet eet
Je stemming wordt grotendeels bepaald door wat je eet en wat je weegt
Wanneer je volgens jezelf teveel eet (hoewel het misschien niet zoveel is), en 'verboden' voedsel, moet het er weer uit
Je gebruikt hiervoor laxeermiddelen, of
je probeert het eten met overgeven er weer uit te gooien
Je doet veel aan lichaamsbeweging en raakt in paniek als je naar jouw idee niet genoeg hebt gedaan
Je probeert sociale situaties waarin gegeten wordt te vermijden en verzint smoesjes om maar niet te hoeven eten
Je hebt last van de lichamelijke verschijnselen die in de paragraven over Gevolgen van anorexia zijn genoemd voor anorexia, zoals het wegblijven van de menstruatie, koude voeten e.d.
Je denkt of houdt jezelf voor dat er niets met je aan de hand is, ook al kun je je bijna nergens anders meer op concentreren dan op het afvallen
 

Toch kun je juist die weerstand tegen hulp zien als een belangrijk signaal: hoe groter de angst om door 'inmenging' van buitenaf de controle over het eetgedrag te verliezen, hoe noodzakelijker het is om hulp te zoeken. Een goede hulpverlener begrijpt die angst en werkt er samen met jou aan om die weg te nemen. Heb je een huisarts die je vertrouwt, dan kan een eerste stap zijn om die in te lichten. Samen met hem of haar kun je dan overleggen welke behandeling voor jou geschikt is. Voor meer informatie kun je terecht bij de Stichting Anorexia en Boulimia Nervosa.

Vind je dit allemaal nog erg moeilijk, bel dan in elk geval het landelijk telefoonnummer. Er zijn ook zelfhulpgroepen, waar je kunt praten met andere (ex-)patiënten. Je kan dan wennen aan het feit dat er iets niet goed met je is, maar ook zien dat je niet de enige bent die er mee zit, en dat er oplossingen mogelijk zijn.


« Ga terug naar SABN.nl