Je wilt graag slank worden en maakt dagelijks voornemens over wat je mag eten van jezelf
Je onderscheidt 'goed' voedsel en 'slecht' voedsel, en probeert 'slecht', dat wil zeggen calorierijk, voedsel te vermijden
Je weegt jezelf veelvuldig, vaak wel een paar keer per dag
Je stemming wordt grotendeels bepaald door wat je weegt en wat je eet
Wanneer je je rot voelt of wanneer je voor je gevoel toch al 'te veel' hebt gegeten, krijg je regelmatig een eetbui, waarin je vaak juist 'slecht' voedsel naar binnen werkt
Na een eetbui braak je, gebruik je laxeermiddelen of vast je voor langere tijd
Je schaamt je voor je eet- en purgeergedrag en voelt je een slappeling, maar kunt er toch niet mee stoppen, hoe je het ook probeert
Je houdt je eetproblemen voor de buitenwereld verborgen, en eet in gezelschap daarom vaak zo gewoon mogelijk
Je bezoekt, om onopvallend aan eten te komen, vaak verschillende winkels, en geeft daarbij soms veel geld uit
Je hebt last van de lichamelijke verschijnselen die in de paragraaf over
'Gevolgen van boulimia nervosa' zijn genoemd voor boulimia, zoals keelpijn, duizeligheid e.d..
Hulp zoeken is niet gemakkelijk. Boulimia-patiënten schamen zich vaak zo voor
hun eetgedrag, dat ze er met niemand over durven te praten. Toch is het belangrijk dat te
doen. Boulimia is een ziekte, geen schaamtevolle gewoonte van iemand zonder wilskracht. Integendeel: er is veel wilskracht voor nodig om je lichaam te onderwerpen aan braken of laxeren en de voortdurende worsteling met eten voor de buitenwereld verborgen te houden.
Heb je een huisarts die je vertrouwt, dan kan een eerste stap zijn om die in te lichten.
Samen met hem of haar kun je dan overleggen welke behandeling voor jou geschikt is.
Hier is aangegeven welke mogelijkheden er zijn. Voor meer informatie kun je
terecht bij de Stichting Anorexia en Boulimia Nervosa.
Vind je dit allemaal nog erg moeilijk, bel dan in elk geval het landelijk telefoonnummer.
Er zijn ook zelfhulpgroepen, waar je kunt praten met andere (ex-)patiënten.
Je kan dan wennen aan het feit dat er iets niet goed met je is, maar
ook zien dat je niet de enige bent die er mee zit, en dat er oplossingen mogelijk zijn.